Spiegel van verveling

Mijn intervisiegroep in Utrecht is erg divers: mannen, vrouwen, christenen, niet-christenen, ervaren coaches, starters. Van alles en nog wat. Ik loop al jaren mee. Tot nu toe met veel plezier. Afgelopen maandag had ik weer intervisie. In de aanloop naar de bijeenkomst toe dacht ik ineens: “Ik verveel me eigenlijk een beetje in deze groep. Er gebeurt niet zoveel nieuws meer. Alle methodes zijn al een keertje langs gekomen. Ik heb het wel een beetje gezien, eigenlijk.” Kordaat als ik (soms) ben, neem ik me voor om dit jaar afscheid te nemen van deze groep en om dat deze keer maar alvast eens aan te kondigen. In het openingsrondje doe ik mijn plan koeltjes uit de doeken. “Het is niet anders, ik ga stoppen met deze groep.” Maar koeltjes zou het die ochtend niet blijven.

“Ja, ik heb wel een casus, denk ik”, breng ik even later naar voren. “Hoe kan ik iets nieuws oppakken wat me weer gaat boeien?” Een interessante vraag vindt men in de groep. Mijn casus wordt die ochtend in behandeling genomen. De groep ondervraagt me kundig over wat me boeit en wat me verveelt. Er komt van alles op tafel. De meeste vragen raken me nauwelijks. Maar er zijn ook een paar ontdekkende vragen bij. Waarom verveel je je met ons in deze groep? Waardoor word je nog wel geboeid? “Tja, ik word wel geboeid door mijn geliefden thuis en door mijn God en het geloof in Hem. Maar ja, daarmee kan ik in deze groep natuurlijk niet aankomen, althans niet in de vorm waarin ik dat zou willen.” Met deze opmerking ontketen ik –onbedoeld- een aantal stevige, beladen reacties in de groep.

“Je vult het voor ons in!” “Hoe weet je dat?” roepen ze door elkaar heen.
Ik sputter nog wat, maar al snel breekt een inzicht bij me door. Ik ben inderdaad voor de anderen gaan denken. Ik heb beelden, zelfs vooroordelen in mijn hoofd over wat wel en niet kan in deze groep. Goed bedoeld, maar daarmee zet ik de groep op afstand en daarmee ga ik me uiteindelijk vervelen.

Snel daarna slaat de sfeer om in de groep. Ik krijg een uitnodiging: “Wil jij volgende keer de intervisie op jouw manier begeleiden, zonder je aan te passen of in te houden!” Ik kan het haast niet geloven (vertrouwen). “Met de bijbel op tafel?!” vraag ik. “En ook met gebed?” Ze knikken. “Als dat jouw manier is, dan willen we dat meemaken. Sterker nog: ik zal me er helemaal voor openen”, merkt een groepslid op. Wat een vertrouwen van hun kant. Het heeft me diep geraakt.

Mensen hebben me maandag een spiegel voorgehouden.
De achterkant van die spiegel is, dat ik me meer mag laten zien en horen. Zoals ik ben. Zoals God me gemaakt en gevormd heeft. Als ik dat uitleef, kom ik in levendige en verrassende situaties terecht. Superboeiend. In september is de volgende bijeenkomst van de intervisiegroep.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *